Snottebellen, knuffels en leren delen

‘O-VE-JA… Behehe’. Het resultaat van mijn Nederlandse directheid is verbluffend. Mijn Spaanse woordenschat gaat gestaag vooruit, samen met de kids uit het peuter- en kleuterklasje leer ik bij. In dit klasje help ik drie ochtenden in de week mee. Schatjes zijn het. Alhoewel voor mij, maar voor elkaar? Daar valt nog een hoop bij te leren.

Naast het bijbrengen van informatie als: ‘De appel is rood’, ‘de zon is geel’, ‘nee na vier komt geen acht’ en: ‘Goed gedaan! Bravo!’ draait het bij deze hyperkiddo’s vooral om het aanleren van sociale vaardigheden, want die zijn soms ver te zoeken.

Samen spelen en delen is daarvan een goed voorbeeld.  Gooi een bak duplo om op het midden van de tafel en zie hoe iedereen op die stapel duplo af duikt alsof hun leven ervan afhangt. Survival of the fittest, daar heeft het wel iets van weg. Met hun armpjes schuiven ze zoveel mogelijk blokken in hun eigen schoot. Delen? Wat is dat? Pas op het moment dat ik me er mee bemoei , gaat er met een beteuterd gezicht een klein gedeelte van de bemachtigde duploblokjes naar de buurman of buurvrouw.

Ook komt er in deze leeftijdscategorie uiteraard een stukje verzorging bij kijken. ‘Caca!’, kwam een van de kleutertjes bij me melden. Caca klinkt als kak, toch viel het kwartje bij mij niet meteen. Tot de kleuter wees naar zijn broek. Ik pakte zijn handje en trok hem mee naar de wc. Ik wilde net kijken of ik z’n billen al moest afvegen toen hij zijn broek alweer aan had. Bovendien was nergens wc-papier te bekennen. All right. De kleuter wilde mijn hand weer vastpakken om terug te rennen naar het klaslokaaltje maar dat ging zomaar niet. Handen wassen meneertje!

Verder zijn eigenlijk alle kleuters verkouden. Het is hier nu winter. Hoewel het overdag zo’n 25 tot 30 graden is, koelt het ’s avonds en ’s nachts flink af. Ik was overigens net van mijn verkoudheid af maar loop nu ook weer met een snotneus en kriebels in mijn keel rond. In de pauze ziet het er ongetwijfeld hilarisch uit. De kids zijn dan door het dolle heen.  Ze rennen kriskras over het veld, en ik? Ik ren erachter aan met een rol wc-papier om  de nodige groene snottebellen (die af en toe echt op hun kin hangen) op te vangen. Soms ben ik iets te laat, zo bleek laatst. Er werd op m’n schouder getikt. Ik draaide me om en daar stond een jochie van een jaartje of vier met een snottebel die werkelijk tot op z’n knieën hing.

Enfin, ondanks het feit dat de kiddo’s in dit klasje best ondeugend zijn en elkaar de hersenen soms kunnen inslaan, zijn ze ook echt heel lief en komen ze met regelmaat een knuffel halen. Vandaag is alweer mijn laatste dag op het schooltje. Ik denk dat ik nog maar even extra geniet van al die knuffels want ik weet nu al dat ik ze ontzettend ga missen!

Brandwondencentrum

In dit centrum wonen kinderen van 4 tot 15 jaar met ernstige brandwonden. Sommigen  gaan in het weekend naar huis, voor anderen is thuis te ver weg en een paar kinderen zijn zelfs thuis niet meer welkom. Bij een aantal van hen zijn de brandwonden ontstaan door een ongeluk maar bij enkelen zijn deze wonden ook opzettelijk aangericht. Deze kids hebben het dus niet makkelijk en ik wist dan ook niet of mijn komst gewaardeerd zou worden.

De eerste dag leek het me verstandig om vooral lekker aan de slag te gaan. Ik besloot een fruitsalade met ze te gaan maken. In dit centrum ben ik namelijk zelf verantwoordelijk voor de activiteit die wordt uitgevoerd, er is geen begeleider aanwezig. Dat vergt, zeker in de Spaanse taal, de nodige voorbereidingen.

In zo’n fruitsalade konden aardbeien naar mijn mening niet ontbreken en hoewel deze fruitsoort ook in dit land aan de prijzige kant is, had ik ze toch ingeslagen. (Het centrum zelf heeft nauwelijks budget en dus schaf ik zelf aan wat ik nodig heb voor mijn activiteiten.) De aardbeien vielen in ieder geval in de smaak: ‘YEAH, FRUTILLAS!’  Ik moest opletten dat er überhaupt nog aardbeien overbleven voor in de salade.

Nadat iedereen z’n handen had gewassen verdeelde ik het fruit. Iedereen schilde en sneed een paar fruitstukken. Ik liep rond en hielp mee waar nodig. Daarnaast maakten de 14-jarige meiden Guacamole. Na zo’n anderhalf uur stond alles klaar. Chaos in de keuken want ook hier geldt voor de kids duidelijk het ikke, ikke, ikke-principe. Ik heb ze dus maar even in de rij gezet en gezegd dat iedereen rekening moet houden met elkaar en dat er dus voldoende salade over moet blijven voor de laatste. Dat ging perfect.

Rond een uurtje of zes was alles opgeruimd en maakte ik aanstalten om te vertrekken. Ik was de keuken nog niet uit of ik ontving van iedereen nog een knuffel met de vraag wanneer ik er weer was. Wauw, ik kan normaal alles in woorden uitleggen maar het gevoel dat ik toen had niet.

Helaas was afgelopen woensdagmiddag alweer mijn laatste dag hier. Ik heb spelletjes gespeeld zoals ezeltje prik, watjes blazen door een rietje over een bepaald parcours en wedstrijdje rennen met een ei op een lepel.  Dat laatste spel viel erg goed in de smaak. Letterlijk en figuurlijk. Ik had de eieren namelijk van te voren gekookt om te voorkomen dat ik, mocht het ei vallen, nog met de dweil in de weer kon. Na afloop van het spel dacht ik, die eieren kunnen wel weg, maar daar had ik me op verkeken. De kinderen wilden ze dolgraag opeten. ‘Van mij mag het, maar alleen als jullie DELEN’, was ook bij deze groep  mijn boodschap.

Aan het eind van de middag kwam uiteraard de vraag welke dag ik er weer zou zijn. Nadat ik had uitgelegd dat dit mijn laatste dag was omdat ik nog andere plaatsen ga bezoeken en daarna weer naar huis vlieg ontving ik wederom een dikke knuffel. Van sommigen zelfs tot twee keer toe. Ja, dit was nog best moeilijk, en dat terwijl ik hier niet eens heel lang vrijwilligerswerk heb gedaan. Eén van de meiden trok een verdrietig gezicht en gaf me een dikke knuffel met de woorden:  ‘Hasta la nunca.’ Ofwel: ‘Tot nooit’, en hoewel ik dolgraag had willen zeggen: ‘Zeg nooit nooit’, wist ik diep van binnen dat ze gelijk had.

Tweet about this on Twitter
Twitter
Pin on Pinterest
Pinterest
Share on LinkedIn
Linkedin
Share on Facebook
Facebook

It's only fair to share...