Sneeuw happen

Een goede voorbereiding op de wintersportvakantie en tegelijkertijd een vinkje kunnen plaatsen op mijn cubolista, dat was mijn doel. Hoppa! Twee vliegen in één klap, dacht ik nog. Helaas, die twee vliegen had ik niet zomaar te pakken, de klappen daarentegen wel.

Tijdens de eerste snowboardles was het meteen raak. Ik voelde me als een peuter die zich op z’n kont voortbewoog omdat lopen niet lukte, als een pasgeboren veulen dat stond te wankelen en als een vogeltje dat leerde vliegen, maar geen controle had over zijn vleugels en daardoor te pletter viel op de harde ondergrond.

‘Ik huur voortaan ski’s!’, riep ik gefrustreerd naar beneden. Ik zat op mijn kont in de sneeuw, het snowboard nog vast onder mijn voeten. Mijn polsen deden zeer, mijn kont was ongetwijfeld blauw. Het begin van mijn ‘snowboardcarriere’ was een groot succes.

Natuurlijk kon het hier niet stoppen en dus zette ik mijn les voort, dit keer met resultaat. Eindelijk stond ik enigszins stabiel op de groene matten van de piste. De eerste oefening luidde als volgt: hakken in de grond, tenen omhoog. Ik moest het zogenoemde roetsjen onder de knie krijgen.

Twee lessen daarna moet ik dat nog steeds. Dit keer kan ik oefenen in echte neppe sneeuw bij Snowworld. Voor mijn eigen veiligheid begin ik op de kleine oefenpiste. Het ziet er ongetwijfeld komisch uit. Ik leun te veel achterover en laat me, naar horen zeggen, nogal makkelijk vallen. Klopt, want naar eigen zeggen laat ik me liever vallen dan dat ik in één rechte lijn op de kantine in het dal af ga.

Wonder boven wonder worden mijn goede snowboard-momenten steeds minder zeldzaam en is het diezelfde middag nog tijd voor de grote piste. Ik beweeg me klungelig voort in de richting van de sleeplift, waar ik de volgende klap in ontvangst mag nemen. Ik grijp een stoeltje beet, duw die onhandig tussen mijn benen en focus me op mijn snowboard. Voor ik het weet hap ik sneeuw en zie ik een keurige rij snowboarders en skiërs aan me voorbijgaan met diezelfde sleeplift. Het ziet er zo eenvoudig uit, niets blijkt minder waar.

Driemaal is scheepsrecht: ik hang aan de sleeplift, op naar de top. Eenmaal boven, wacht ik geduldig af tot een rustiger moment aanbreekt. Geen goed idee, het is als wachten op een rustig moment bij knooppunt Coenplein richting Amsterdam in de ochtendspits. Er zit niets anders op dan gaan.

De bochtjes gaan me goed af, het ontwijken van andere fanatiekelingen daarentegen minder. Hoewel het verder niet slecht gaat mag ik uiteraard ook op deze route de nodige klappen in ontvangst nemen. Ach, één troost: beneden staat een ijskoud biertje op me te wachten. Een beetje extra vaart en snowboarden maar!

Tweet about this on Twitter
Twitter
Pin on Pinterest
Pinterest
Share on LinkedIn
Linkedin
Share on Facebook
Facebook

It's only fair to share...